
Om de veiligheid van cosmetica te kunnen garanderen, verplicht de wet dat nieuwe cosmetica(ingrediënten) aan dertien veiligheidstesten worden onderworpen. Met de invoering van het (gedeeltelijke) Test- en Handelsverbod zijn inmiddels tien van de dertien veiligheidstesten vervangen door proefdiervrije technieken.
De tien veiligheidstesten voor cosmetica (ingrediënten) zijn:
- Eye irritation (oog irritatie)
Voor deze test werd voorheen een stof in de ogen van konijnen aangebracht om vast te stellen welke mate van irritatie/schade optreedt. - Skin corrosion (huid bijtendheid)
- Skin irritation (huid irritatie)
- Skin absorption (opname door de huid)
- Skin sensitisation (gevoeligheid op de huid)
Voor bovenstaande 4 testen (nummer 2 t/m 5) werd bij proefdieren een stof op de kaalgeschoren huid aangebracht om de mate van irritatie/bijtendheid bij blootstelling aan de huid vast te stellen of om na te gaan in welke mate de stof werd opgenomen door de huid of de huid gevoeliger maakt en b.v. allergieën kan veroorzaken. - Photo-toxicity (toxische reactie)
Na het aanbrengen van een stof op de huid van een proefdier werd gekeken of er na blootstelling aan licht een toxische reactie optrad. - Acute toxicity (dodelijkheid/mate van schade bij eenmalige dosis)
Door proefdieren bloot te stellen aan een chemische stof (oraal, via de huid, oog of luchtwegen) werden de toxische effecten gemeten bij een eenmalige blootstelling. - Mutagenicity (effecten van de stof op genetisch materiaal)
Na toedienen van de stof werd gekeken of het erfelijke materiaal (DNA) van proefdieren beschadigd werd. - Teratogenicity (aangeboren afwijkingen)
Na toedienen van de stof op een proefdier werd gekeken of er een verhoogde kans was op aangeboren afwijkingen. - Carcinogenicity (kankerverwekkendheid van een stof)
De stof werd toegediend aan ratten en muizen van beide sexen, waarna een pathologische analyse van de weefsels plaats vond om te kijken naar tumoren en andere afwijkingen die op kanker wijzen.
De drie veiligheidstesten, die in 2013 vervangen moeten zijn, betreffen toxiciteittesten: - Reproductive toxicity (schade op reproductief vermogen/nakomelingen)
Er wordt na toediening van de stof gekeken naar eventuele effecten op de voortplantings-organen en alles wat daar mee samenhangt. Er wordt ook gekeken naar de ontwikkeling van de embryo en eventuele effecten op de nakomelingen na de geboorte. - Sub chronic toxicity (dodelijkheid/schade bij herhaalde toediening)
Via langdurige blootstelling aan de stof via de huid of de luchtwegen wordt gekeken of dit op de lange termijn schade aan cellen of organen kan veroorzaken. - Toxicokinetics (de giftigheid van de stof bij opname en verwerking door het lichaam)
De stof wordt toegediend aan de dieren en er wordt gekeken naar de manier van opname door het lichaam, de verdeling over het lichaam, de verwerking, en de uitscheiding van de stof.
































































